|
|
De intensieve samenwerking tussen Annelies Schraa en Michiel Niessen begon in 2002 met de cd- opnames van het Apollo Ensemble. In de daarop volgende jaren zijn ze altijd op zoek gegaan naar de grenzen van hun instrumenten, de blokfluiten en de luiten. Naar aanleiding van het thema Wenen van het festival “travelling in baroque” 2010 hebben ze zich op een heel bijzonder en onbekend repertoire gestort van “de romantische blokfluit” de Csakán.
Deze blokfluit bleef na de Barok doorbestaan, nam een andere naam aan, en zocht een andere woonplaats: De blokfluit dook onder in Wenen, en werd de Csakán, een wandelstokblokfluit, die tijdens de wandeling alle mooiste aria’s uit de recente opera’s, in bewerking kon spelen. Ook de gitaar was inmiddels in Wenen een gevestigd instrument geworden. Uit de ingewikkelde ‘roots’ van luit en vihuela met hun dubbele snaren, rees een praktisch, toegankelijk en vooral karakteristiek instrument.
|
|
|
|
|
Annelies Schraa, Csakán Michiel Niessen, 19e eeuwse Gitaar
|
|
| Ernest Krähmer |
- |
Original Potpourri für Spazierstockflöte (op. 3) |
| Anton Diabelli |
- |
Cavatina (Oper ‘Donna del Lago’ von Rossini) |
| Mauro Giuliani |
- |
Grand Potpourri pour la Flûte et Guitarre (op. 126) |
| Mauro Giuliani |
- |
Grand Ouverture (op. 61) |
| Ernest Krähmer |
- |
Introduktion und Variationen für Csakán (op. 32) |
|